MENU

en-1090-certificering.jpg

Is uw bedrijf actief in de fabricage van staal- en aluminiumconstructies, of bewerkt u dergelijke producten? Gaat u uw bedrijfsprocessen certificeren volgens NEN-EN 1090, zodat u uw producten in de toekomst kunt gaan voorzien van CE-markering? Dan heeft u (onder andere) te maken met het opstellen van een Factory Production Control (FPC) systeem. Uw type las- of constructiebedrijf bepaalt de kaders van uw FPC systeem. Dit blog helpt u de kaders van uw FPC systeem scherp te krijgen.

De kaders van mijn FPC systeem vooraf helder krijgen - waarom?

Door de verschillende las- en constructiebedrijven in de markt worden zeer uiteenlopende producten gemaakt. De eisen die aan de constructies worden gesteld zijn dan ook verschillend. Constructies die in de buurt van mensen worden geplaatst hebben bijvoorbeeld andere eisen dan constructies die niet door mensen in gebruik worden genomen.

Om de kaders van uw FPC systeem helder te krijgen, is het van belang dat u een aantal belangrijke zaken vooraf inzichtelijk maakt. Dit helpt u bij het bepalen van de belangrijkste stappen - en dus bij het helder krijgen van de fasering en de interne belanghebbenden die u bij het proces wilt, of moet betrekken.

Het bepalen van de kaders van uw FPC systeem is slechts een van de vele zaken waarmee u rekening dient te houden in de NEN-EN 1090 certificering. Sla geen belangrijke stappen over, download het Stappenplan: ‘NEN-EN 1090-1 certificeren in 7 stappen’.

Om een FPC systeem volgens EN 1090-1 en voor lassen conform NEN-EN ISO 3834 op te kunnen stellen, dient u er rekening mee te houden dat de werkzaamheden van uw bedrijf binnen de volgende kaders vallen:

1. Uw constructies vallen binnen de uitvoeringsklasse EXC1 - tot en met EXC4
Het is van belang dat u identificeert in welke uitvoeringsklasse de werkzaamheden van uw organisatie vallen. Constructies worden ingedeeld in verschillende uitvoeringsklassen (‘Execution Classes’). Hierin zijn de eisen waaraan een constructiebedrijf volgens de EN 1090 norm moet voldoen vastgelegd.

De toewijzing aan de uitvoeringsklasse 1 (eenvoudige bouwwerken met beperkte gevolgen bij falen van de hoofdconstructie) tot en met 4 (bouwwerken waarbij er grote gevolgen zijn bij falen van de hoofdconstructie) is afhankelijk van de belasting, het materiaal en de lasprocedure aan de constructiedelen.


2. Uw materiaal (staal) (a) valt binnen de sterkte klasse (b) t/m S355 (materiaalgroep 1.1, 1.2)
Identificeer en borg in uw systeem met welk materiaal uw organisatie werkt (a) en in welke sterkte klasse (b) het materiaal valt.

De chemische samenstelling van staal is een fundamentele factor die de mechanische eigenschappen van het staal bepaalt alsmede of het lasbaar is. Er wordt daarom toegezien op de kwaliteit van de ingekochte producten van staal volgende de geldende Europese normen. S355 is een veelgebruikte staalsoort voor projecten en constructies.


3. U hanteert methode van verklaren 1 en 3a (géén constructief ontwerpen)
Wanneer u de certificering heeft behaald, dient u uw producten te voorzien van een prestatieverklaring en CE-markering (conform artikel 6 en artikel 9 van Verordening Bouwproducten (CPR).

De prestatieverklaring (of ‘conformiteitsverklaring’) informeert de gebruiker of, en hoe het product aan de eisen voldoet. In de prestatieverklaring staat het beoogde gebruik en de bijbehorende producteigenschappen van het desbetreffende product vermeld. Zonder prestatieverklaring mag het product geen CE-markering hebben.

Via deze prestatieverklaring aanvaardt de leverancier de aansprakelijkheid voor eventuele schade die optreedt als het product niet volgens de prestatieverklaring functioneert. Het is daarom van belang dat u al in een vroeg stadium (ver vóórdat u gaat certificeren) vaststelt welke verklaring van eigenschappen van constructieve onderdelen in relatie tot CE-markering door uw organisatie wordt toegepast. Maakt uw organisatie bijvoorbeeld de hoofdberekeningen voor constructies (constructief ontwerpen) of besteedt u dit uit?

- Methode 1 is van toepassing voor de meeste staalconstructie contracten. De hoofdberekening van de constructie wordt aangeleverd en uw organisatie (de leverancier van de constructie) maakt de werktekeningen vanuit standaardwaarde van basisproducten.

- Methode 3a is gewoonlijk van toepassing bij het werken onder aanneming. In dit geval worden de werktekeningen in volledig detail aan uw organisatie toegeleverd.


4. Het technisch deel wordt uitgevoerd volgens NEN-EN 1090-2 (staal)
Het is van belang dat u op de hoogte bent van de technische eisen voor het vervaardigen van staalconstructies.

EN 1090-2 omschrijft technische eisen die aan onderdelen of eindproducten van staal worden gesteld. Bijlage A van NEN-EN 1090-2 behelst wat er van toepassing is voor uw bedrijf. Aan de eisen in deze bijlage moet namelijk voldaan worden om in aanmerking te komen voor een gecertificeerd FPC-systeem volgens EN 1090-1.


5. U hanteert lasproces 135

Voortbordurend op punt 4, dient u te identificeren welk lasproces de mensen in uw organisatie hanteren. Dit kunt u doen via de EN 1561X serie van NEN Bundel 18. Er zijn verschillende lasprocessen, die zijn vastgelegd in de EN ISO 4063. Lasproces 135 is een vorm van MAG-lassen; met een massieve draad onder een actief gas.


nen-en-1090

In het Stappenplan: ‘NEN-EN 1090-1 certificeren in 7 stappen’ staat o.a. beschreven dat u een verantwoordelijk lascoördinator aan dient te wijzen volgens EN ISO 14731. Deze persoon beoordeelt of het bedrijf de opdracht wel zomaar kan aannemen op basis van bestaande kennis en kunde van het laspersoneel. Hierbij is een lasdiploma niet voldoende maar dienen er beproevingen en metingen per lasser te worden vastgelegd en herhaald. Dit zijn de zogenaamde lasserkwalificaties conform EN ISO 9606-1 (voor staal).


6. Uitbesteding: u besteedt alléén NDO en conservering uit
De kans is groot dat uw organisatie niet alles zelf doet. Voorbeelden van zaken die u kunt uitbesteden zijn:

- Corrosie bescherming
- Mechanische verbindingen
- Snijbedrijven
- Niet-Destructief Onderzoek (NDO)
- Toezichthouders (bijvoorbeeld lascoördinatie)
- Warmtebehandeling

Het is aan u om inzichtelijk te maken welke vormen van uitbesteding uw organisatie doet, zodat u in het FPC systeem de specificaties en kwalificaties voor onderaannemers kunt vastleggen.

NDO: uw organisatie kan ervoor kiezen het lasonderzoek uit te besteden. NDO staat voor een Niet-Destructief Onderzoek, waarmee de kwaliteit en eventuele aanwezigheid van fouten kan worden bepaald. Er kan op die manier een indruk worden verkregen van de laskwaliteit van de constructie.

Conservering: om de levensduur te verlengen worden stalen onderdelen geconserveerd. Uw bedrijf kan er voor kiezen om niet zelf te coaten. De oppervlaktebehandelaar kan echter geen verantwoording nemen voor de producten die hij behandelt, enkel voor het proces, en dus dient er een gedegen leverancierbeoordeling te zijn inzake conserveren en mogelijke registraties van dikte-metingen. Dit geldt ook voor snijbedrijven, zeker wanneer ze thermisch snijden.


7. U past warmtebehandeling niet toe
Bij dikkere producten of hoogwaardige legeringen kan het zo zijn dat voor en/of na het lassen een warmtebehandeling nodig is om de lasverbinding op sterkte te brengen. Als je last op een te koud stuk staal dan zal de versmelting van lasmateriaal en staal namelijk niet goed plaatsvinden en zwaktes en fouten omvatten waardoor de vereiste sterkte niet wordt bereikt.



Sla geen stappen over in het opstellen van uw FPC systeem

Hoe zorgt u ervoor dat u in de wirwar van begrippen als FPC, NEN-EN-ISO 3834 en EN ISO 14731 geen belangrijke zaken over het hoofd ziet? Om u op weg te helpen schreven wij de EN 1090 pdf: NEN-EN 1090-1 certificeren in 7 stappen. Hier krijgt u een uitgebreide uitleg en afbakening van de onderwerpen waar u mee te maken krijgt, volgens een overzichtelijk stappenplan. Zo komt u beslagen ten ijs - van FPC systeem tot certificering!


Download hier het stappenplan
.

New Call-to-action

Onderwerpen:

Wetgeving Normkennis Certificeren

Auteur

Deel deze pagina

Algemene vragen en opmerkingen

Tüv kantoor

TÜV Nederland

0499 - 339 500

Voor al uw algemene vragen en opmerkingen